Door weer en wind

Shit. Op het moment dat ik wegfiets van huis voel ik meteen dat het vest dat ik draag niet dik genoeg is om me te beschermen tegen de gure oktoberwind. Ik heb geen zin om terug te gaan voor een jas, ben al aan de late kant, dus ik fiets dapper door. Rillend en mopperend begin ik aan de tien kilometer lange rit naar mijn vriendin, recht tegen de wind in. Hoewel ik altijd geniet van de wisseling van de seizoenen kan ik op dit moment geen enkele reden bedenken waarom dat zo is. Mijn humeur daalt tot het nulpunt wanneer het ook nog begint te miezeren. Foeterend op het Hollandse herfstweer ploeter ik verder.

Weerstand

Er dwarrelt een goudgeel herfstblad voor mijn gezicht. Het lijkt een vingerwijzing van boven. Ineens ben ik me bewust van mijn eigen weerstand en wat die met me doet: ik zit vreselijk te stressen over iets waar ik niets aan kan veranderen. Waar ik wel iets aan kan doen, is mijn houding ten opzichte van de situatie. Ik verleg mijn aandacht naar de fysieke sensatie van de kou. Mijn handen tintelen, regendruppeltjes prikken in mijn gezicht, de wind waait dwars door mijn vest en koelt mijn huid af. Ik verzet me niet langer. Blaas maar wind, val  maar regen, kom maar kou, wees welkom.

Geluksgevoel

Mijn schouders ontspannen, ik haal een paar keer diep adem. In de verte kraait een haan, steentjes knerpen onder mijn fietsbanden, ik snuif een vleug dennengeur op, een tegenligger groet vriendelijk, een geluksgevoel borrelt op. De wind draait en voor ik het weet zwaait mijn vriendin de keukendeur open: ‘Kom gauw binnen, je ziet blauw van de kou.’ In haar woonkeuken is het behaaglijk en gezellig. Ze heeft zelf speculaas gebakken, het ruikt goddelijk. Je kunt de kruidige geur bijna in de lucht zien hangen. Buiten klaart het op, een aarzelend zonnetje breekt door en tovert een regenboog tevoorschijn.

Goede raad

Wanneer de koffiepot leeg is en de laatste kruimels speculaas verorberd zijn, is het tijd om op te stappen. Ik ben van binnen en van buiten opgewarmd door de warmte en gezelligheid en realiseer me weer hoe fijn het is om vriendinnen te hebben. In het halletje trekt vriendin een donkergroene parka van de kapstok: ‘die trek je aan, anders vat je kou’, zegt ze streng. Dankbaar volg ik haar bevel op.

Zoals de wijze vrouw Byron Katie het al zei: ‘ik omhels mijn hoofdpijn, én neem een aspirientje.’

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s